Over Ambrogio, de Spinolarei en het nummer 20

Gouden Eeuw

B&B Ambrogio-gasten logeren in een stadsdeel dat zich vanaf de jaren 1200 snel ontwikkelde. Rond het water van de Brugse Reien – zo heten de kanaaltjes in het stadscentrum genoemd naar de Reie, de rivier die vroeger doorheen Brugge stroomde – groeide er een bloeiende haven. De Spinolarei en de huidige Spiegelrei aan de overzijde van het water waren getuige hoe de Reie ooit de toegangspoort was voor schepen die vanuit de Noordzee via het Zwin, Brugge binnenvoeren. Ze zorgden voor welvaart en welstand in wat bekend staat als Brugges Gouden Eeuw. Van de 13de tot en met de 15de eeuw was Brugge immers een draaischijf tussen de Hanzesteden uit het Hoge Noorden, Engeland en Duitstland enerzijds en de meest prominente handelssteden in Italië, Spanje en Frankrijk anderzijds. Het stond bekend als economische hoofdstad van Noordwest-Europa.

Spaans veldheer van Italiaanse afkomst

Aanvankelijk heette de Spinolarei nog Houtbrekersdam. De bebouwing ervan reikt tot de 13de en 14de eeuw. In de loop der jaren veranderde de straatnaam in Spiegelrei, een verwijzing naar de verschillende spiegelmakers die er in de 15de en 16de eeuw hun stek hadden. Midden de 17de eeuw, na de dood van de Spaanse veldheer Ambrogio Spinola, kreeg de rechter reie-oever zijn huidige naam: Spinolarei. Niet toevallig. Markies Ambrogio Spinola, een Italiaan uit Genua in Spaanse dienst, bewoonde gedurende jaren een groot pand tussen het huidige Jan van Eyckplein en de Engelsestraat. Deze militair streed in de 80-jarige oorlog (1568- 1648) tussen Spanje en de Nederlanden tegen prins Maurits van Oranje.

Oosterlingen

De Spinolarei zoals we die nu kennen, loopt van het Biskajerplein, voorbij het Jan van Eyckplein via de Koningsbrug en eindigt bij de Verversdijk aan de hoek met de Stroburg. In de 19de eeuw kregen verschillende Brugse huizen een grondige restauratiebeurt. Door grondige aanpassingen aan de vensteropeningen in de 18e-19de eeuw bewaarden slechts weinig gevels hun oorspronkelijk uitzicht. Zoals elders in de stad gaan achter die bepleisterde, wit beschilderde lijstgevels oude kernen schuil. Binnenin ontdek je vaak echte pareltjes. Het huidige pand Nr 20 stond in de 14de eeuw bekend als het huis “Ten Zwinaerde”. Onderzoek leert dat een zekere Jan Lotin er in 1363 zijn intrek nam. Hij was een makelaar-hotelier voor de Oosterlingen - zo genoemd, omdat die kooplui afkomstig waren uit oostelijk van Vlaanderen gelegen steden. In zijn woning was er een Verbrauchsort of herberg gevestigd waar de handelaars van de Duitse Hanze hun bier en Rijnwijn voor eigen gebruik mochten consumeren. Maar ze konden hier evengoed overnachten en hun goederen opslaan. Als knooppunt van de internationale handel en met een jaarlijkse markt op de agenda fungeerde het kantoor in Brugge immers als hun belangrijkste bruggenhoofd. Wat ooit een taverne was voor Duitse kooplui, is zeven eeuwen later dus omgetoverd tot een knus luxeverblijf dat zowel de sfeer van het verleden als het moderne comfort van vandaag wil uitstralen.

We hopen dat deze historische plek u vandaag nog de sfeer van toen laat opsnuiven.